Voortplantingssucces, sterfte en populatiedynamiek

Teksten met dank aan Ottervriend.

Voortplantinassucces en sterfte

De worpgrootte in Nederland en West-Duitsland is gemiddeld 2,8. In Oost~Duitsland is dit 2,3 (Stubbe, 1977) en in Zuid-Zweden 1,9 (Erlinge, 1967). De overlevingskansen van jonge otters zijn in ongestoorde natuurlijke omstandigheden groot, omdat ze gedurende 1 jaar bij hun moeder verblijven. De sterfte in het eerste jaar ligt in de orde van grootte van 30% (Van Wijngaarden & Van de Peppel, 1970). In Oost- Duitsland is de sterfte in het eerste en het tweede levensjaar ruim 49%. Daarna neemt de mortaliteit af tot 25% per jaar (Stubbe, 1969). Otters kunnen leeftijden tot 15 jaar bereiken. Populatiedvnamiek

Otters zijn op 2-jarige leeftijd geslachtsrijp. Ze krijgen hoogstens eenmaal per jaar jongen. Bij een gemiddelde overleving van de jongen tot aan de geslachtsrijpe leeftijd van 50-55% en een gemiddelde overleving van volwassen otters van 75% is voor een stabiele populatie vereist dat een volwassen vrouwtje gemiddeld 3 a 4 keer jongen moet werpen.

Foto's met dank aan: International Otter Survival Fund.

Teksten met dank aan Ottervriend.